Gilde Leusden

Braziliaanse is de Leusdense dorpsrust steeds meer gaan waarderen

Dit artikel is overgenomen uit de Leusder Krant van 3 mei 2017
03-05-2017, 09:37 | Van de redactie
LEUSDEN Het debat over vluchtelingen wordt dezer dagen met de nodige emotie gevoerd. Toch is ons land al eeuwen een toevluchtsoord voor mensen die van huis en haard werden verdreven. Ze kwamen, integreerden en werden waardevolle leden van de Nederlandse samenleving. In de serie 'Thuis op vreemde bodem' gaat de Leusder Krant op zoek naar die 'nieuwe landgenoten' die vaak gewoon bij ons in de straat wonen. Zoals de Braziliaanse Kerla Belmiro-Stavenuiter.
Marcel Koch
Kerla Belmiro-Stavenuiter ontmoet in het taalcafé mensen uit andere culturen met boeiende verhalen. Foto Leusder Krant

Van een woning op korte afstand van het strand naar een appartement met zicht op het Valleikanaal, van een leven zonder jas naar een leven met jas. Toch viel de beslissing om geboorteland Brazilië te verlaten haar niet overdreven zwaar. Ze houdt wel van nieuwe episodes. Verklaart op de poëtische toer: ,,Ik wil geen boom zijn die op één plek groeit en vervolgens op diezelfde plek doodgaat. Ik wil juist ontdekken, houd van avontuur. Hoewel ik zo af en toe ook Braziliaans lui kan zijn. Hoe dat er uitziet? Dan verloopt de dag in een zeer laag tempo. Ik mag ook graag slapen.''

Kerla Belmiro-Stavenuiter (40), ze volgende haar man naar Nederland, zit op haar gemak op de bovenste etage in bibliotheek Eemland. Zojuist heeft de Braziliaanse, sinds enige jaren woonachtig in Leusden, het taalcafé bezocht. Anderhalf uur heeft ze met anderstaligen gekletst over ditjes en datjes met als doel haar Nederlands te verbeteren. Ze is een trouwe klant, leergierig bovendien. In het taalcafé, gedragen door vrijwilligers, ontmoet ze naar eigen zeggen mooie mensen uit andere culturen met interessante en boeiende verhalen. ,,Naast dat het leerzaam is, ervaar ik het als een gezellig moment in de week. Ik kijk er altijd naar uit.'' Of ze al vooruitgang boekt met het Nederlands? Ze kijkt bedenkelijk, trekt haar schouders lichtjes op, antwoordt dan aarzelend: ,,Een heel klein beetje misschien. Vloeiend zal het nooit worden.''

BARRIERE Momenteel blokt ze op het staatsexamen NT2. Haar huidige score: voor de onderdelen luisteren en spreken is ze geslaagd, maar een paraaf voor lezen ontbreekt nog. Ze beweert: ,,De Libelle of Cosmopolitan lees ik moeiteloos, maar bijvoorbeeld de krant is een ander verhaal. Mijn woordenschat is nog te gering. Maar ja, thuis spreek ik met mijn man en kinderen altijd Portugees.''

Naderhand zal Kerla, die als interieurverzorgster werkt en bij softwarebedrijf AFAS met enige regelmaat als gastvrouw optreedt, bekennen dat ze de Nederlandse taal ('ongelofelijk moeilijk') heeft onderschat. ,,Niet dat ik dacht: ik doe dat wel even, maar ik had wel verwacht dat ik mij de taal sneller eigen zou maken. Het kost mij echter heel veel moeite, ik moet altijd zó goed nadenken voordat ik een zin uitspreek.'' Vervolgt na een fikse zucht: ,,In mijn hoofd goochel ik voortdurend met woorden. Ik dwing mezelf nette zinnen te maken. Ja, dat is heel vermoeiend en het maakt me soms onzeker. Ik ervaar de taal tot nu toe echt als een barrière. Ach, misschien ben ik wel te ongeduldig.'' Meteen daarna merkt ze grappig op dat ze snakt naar het moment dat ze in een restaurant haar bestelling in goed Nederlands kan doen. ,,Goh, wat lijkt me dat relaxt."
Elke maandagmiddag schuift de Braziliaanse aan bij een boekenleesclub in bibliotheek Eemland. Foto Leusder Krant

Hoe dan ook, aan ijver geen gebrek bij de Braziliaanse moeder van twee tieners. Naast het eerder genoemde taalcafé oefent ze wekelijks met een taalcoach (van SamenSpraak Leusden) en sjeest ze op haar blitse scooter iedere maandagmiddag naar de boekenleesclub, eveneens in de bibliotheek. Kortom, de wil is er ontegenzeggelijk. ,,Als ik de taal beter beheers zal ik mij buitenshuis vrijer voelen in mijn doen en laten. Ik blijf mijn best daarvoor doen.'' Daarna op ietwat strenge toon: ,,Als gastvrouw moet je toch netjes praten!''

 

JAARGETIJDEN Geïntegreerd voelt ze zich beslist. Sowieso omschrijft ze zichzelf als een type dat zich vrij eenvoudig aanpast. ,,Ik houd erg van jullie kaas en zuurkool. Alleen begrijp ik er niks van dat er hier tussen de middag brood wordt gegeten. Dat is toch geen maaltijd! In Brazilië wordt er altijd warm eten gegeten en we nemen er de tijd voor. Hier moet er altijd snel worden gegeten, het lijkt wel een wedstrijd." Voorts merkt ze over haar nieuwe thuisland op: ,,Ik houd van de jaargetijden. Zo vind ik het prachtig om te zien als de bomen weer blad krijgen en de bloemen uit komen.'' En nog even terugkomend op het integreren zegt ze stellig: ,,Je moet het contact nadrukkelijk zelf zoeken, niet thuis op de bank blijven zitten. In het begin heb ik het hier best moeilijk gehad. Mijn man ging naar zijn werk, mijn kinderen naar school en ik dan? Ik had niks omhanden, tsja daar zit je dan in een vreemd land zonder vrienden en familie. Bovendien gaan hier de gordijnen 's avonds snel dicht. Ik was een buitenleven gewend.'' Gelukkig, vervolgt ze, heeft ze nu haar werk (lachend: 'anders was ik gek geworden'), een leuk contact met haar collega's en een aantal vriendinnen, waaronder uit Brazilië. ,,Ontmoet in de supermarkt. Ik hoorde Portugees praten en ben er op afgestapt.'' Overigens, wekelijks schenkt ze als vrijwilligster in het woonzorgcentrum 't Hamersveld thee en koffie. ,,Ik houd van het contact met de mensen.''

,De Libelle of Cosmopolitan lees ik moeiteloos, maar bijvoorbeeld de krant is een ander verhaal.'' Foto Leusder Krant

STRAND Ze is opgegroeid met het strand, de zee en de zon hoog aan de hemel. ,,Een jas heb ik nooit nodig gehad.'' Haar roots liggen in Recife, de hoofdstad van deelstaat Pernambuco, gelegen in het oosten van Brazilië. Vanwege het groot aantal bruggen over de rivieren Beberibe en Capibaribe ook wel het Venetië van Brazilië genoemd.

,,Ik woonde er op loopafstand van het strand, mijn beide opa's waren vissers. Recife is een mooie plek om te wonen. In de zomer kan het er onaangenaam heet zijn, maar in de winter is het met een gemiddelde temperatuur van tweeëntwintig graden heerlijk.''

 

In haar hart wappert de Braziliaanse vlag, zo zal het altijd zijn, maar toen ze onlangs weer even terug was in haar geboortestreek bekroop haar een unheimisch gevoel.

Ze bekent openhartig: ,,Het is misschien gek om te zeggen, maar ik voelde me er een buitenlander.''

Ze stelt dat ze enorm moest wennen. Aan alles en nog wat, maar het meest nog aan het aantal decibellen die de stad (circa anderhalf miljoen inwoners) dagelijks produceert. ,,Onvoorstelbaar wat een lawaai de gehele dag door. Dat was ik niet meer gewend. Ik geloof ook niet dat ik daar meer tegen kan. Leusden vond ik aanvankelijk een héél rustig dorp, te rustig eigenlijk, maar ik heb die rust steeds meer gaan waarderen.'' En er is nog iets waardoor ze Leusden als woonplaats innig heeft omarmd. ,,Ik voel me hier veilig. Ik kan met mijn oordopjes in, luisterend naar muziek, heerlijk en ongestoord langs het Valleikanaal wandelen. Dat gevoel is onbetaalbaar. In Recife maakte ik mij meer zorgen over de veiligheid van mijn gezin en familie.''

Ze kijkt plots op haar horloge en zegt dat ze er vandoor moet. ,,Ik heb zometeen autorijles.'' Snel knoopt ze haar winterjas dicht. Buiten voelt het allerminst (Braziliaans) tropisch aan.