Gilde Leusden
Dit artikel is overgenomen uit de Leusder Krant van 5 -10-2017

Vlucht naar veiligheid en perspectief

LEUSDEN Het debat over vluchtelingen wordt dezer dagen met de nodige emotie gevoerd. Zo waren er recentelijk heftige protesten tegen de komst van asielzoekerscentra. Toch is ons land al eeuwen een toevluchtsoord voor mensen die van huis en haard werden verdreven. In de serie 'Thuis op vreemde bodem' gaat de Leusder Krant op zoek naar die 'nieuwe landgenoten' die vaak gewoon bij ons in de straat wonen. Zoals de familie Kusairi uit Syrië.
Tekst en foto's: Marcel Koch
Hilariteit in huize Kusairi. Gezinshoofd Farouk Kusairi (49) maakt een wilde armzwaai, wendt zijn hoofd richting de tuin en zegt met gespeelde verontwaardiging. ,,Als ik mijn theorie weer niet haal, krijg ik klappen en zetten jullie me buiten.'' Zijn kinderen, zes in aantal aanwezig gieren het uit op de bank. Moeder Mariam evenzo. Ach ja dat theorie-rijexamen, het is een blok aan Farouks been. ,,Voor mij moeilijk'', verzucht de Syriër die drie eerder pogingen jammerlijk zag mislukken.
De dames Kusairi: ,,Shoppen vinden we leuk"

Voordat de burgeroorlog in Syrië uitbrak, zes jaar terug, was Farouk taxichauffeur. Dertig jaar lang stuurde hij zijn klanten blijmoedig naar hun bestemming. Hij zou zijn beroep zo weer willen oppakken. Nee, over zijn deelname in het verkeer hier maakt hij zich geen zorgen. Appeltje-eitje vergeleken bij Damascus. Beeldt uit met driftige armgebaren: ,,In Damascus is het verkeer een chaos.'' De handen stil: ,,Hier is het verkeer rustig.''

 

Als het dagelijkse leven van het Syrische moslimgezin in hun nieuwe thuisland naderhand ter sprake komt, merkt Farouk veelzeggend op: ,,Ik ben blij dat ik voor mijn kinderen een plek heb gevonden waar ze veilig kunnen leven en waar ze onderwijs kunnen volgen. Als het mijn kinderen goed gaat, gaat het mij en mijn vrouw ook goed.'' Toekomstperspectief voor de kinderen. Met die gedachte stapte de Syriër twee jaar terug op een boot naar Europa.

VERTAALSTER Thuis bij de familie Kusairi. Zodra zoon Aahmoed de voordeur opendoet, klontert de rest van het gezin samen in de kleine woonkamer alsof de hoofdfilm op het punt van beginnen staat. Op de bank, extra large van afmeting, nemen plaats: Hebtallah (23), Afif (21), Ahmed (19), Halla (18), Aahmoed (16), Lamis (5) en eerder genoemde moeder Mariam en vader Farouk. Zoon Amjad (17) en dochter Huda (12) zijn buitenshuis. Laatstgenoemde wordt, zo wordt gaandeweg het gesprek duidelijk, door de familie op handen gedragen vanwege haar beheersing van de Nederlandse taal. Valt er een brief op de deurmat dan moeten Huda's ogen meelezen. ,,Huda is onze vertaalster en docente'', geven Afif, Ahmed en Aahmoed hoog op over hun zusje, scholier in groep 8 van basisschool De Heerd.

 

Maar wacht even. Zelf kunnen de broers (niet gehinderd door verlegenheid) en diens zusters Hebtallah en Hala (beiden iets meer op de achtergrond) toch ook redelijk uit de voeten met het Nederlands? ,,Ja maar Huda is een snelle leerling. Ze heeft ook in het azc taalles gehad, is slim'', benadrukt Afif die net als de rest van het gezin taalondersteuning heeft gehad van Samenspraak Leusden. Bovendien zitten bovengenoemden op het mbo. Overigens, waar is Huda? Op het gemeentehuis, blijkt. 

Terwijl zelfgebakken lekkernij (cake) en fruit op tafel komen, allerkleinste Lamis het voor gezien houdt, vertelt Farouk over hun afkomst en over diens vlucht uit Syrië. Eenmaal in Nederland verbleef hij in vijf asielzoekerscentra. ,,Ik heb veel gehuild. Ik miste mijn vrouw en kinderen ontzettend. Toch heb ik altijd goede moed gehouden. Ik ben een positief mens.''De Kusairi's'' komen uit Sbeneh, een stad in de nabijheid van Damascus. Het huis waarin ze woonden, is door het oorlogsgeweld weggevaagd. Inzoomen op die periode brengt pijnlijke en verdrietige herinneringen naar boven.

 

Hoe anders was het voor de oorlog. ,,We hebben er altijd fijn gewoond en geleefd'', vertelt Farouk. ,,Gelukkig is het nu ogenschijnlijk rustiger in Damascus. Ja, via Skype hebben we geregeld contact met onze familie daar. Of ik er ooit weer terugkeer? Ja, maar de kinderen denk ik niet, die willen hier een toekomst opbouwen.'' Ze knikken instemmend. Gevraagd naar hun toekomstplannen komen de volgende beroepen langs: ICT (Afif), accountant (Ahmed), soldaat (Aahmoed), tandartsassistente (Hebtallah) en schoonheidsspecialiste (Hala). Mariam en Farouk horen het zichtbaar trots aan. Beiden volgen Nederlandse les bij het NVA, centrum voor integratie en participatie. Zijn er druk mee. Farouk worstelt met de taal: ,,Als je dertig jaar niet meer naar school bent geweest, valt het niet mee. Ik vergeet snel woorden. Nederlands is een moeilijke taal.'' Naast de lessen wandelt Mariam veel met buurtgenoten en Farouk doet op een boerderij vrijwilligerswerk.

 

VIJF EURO Op de valreep komt Huda binnengelopen. Ze kruipt direct dicht tegen haar moeder aan op de bank. Zojuist, vertelt ze met trotse stem, is ze gekozen voor de jeugdgemeenteraad van Leusden en heeft ze kennisgemaakt met de nieuwe burgemeester. Huda (,,Ik wil hartchirurg worden'') bevestigt dat ze geregeld als vertaalster van de familie moet optreden. Nee, daar heeft ze niet altijd zin in. ,,Maar wel als ik je vijf euro geef.'' Wederom heeft Farouk de lachers op zijn hand.

De familie Kusairi. Van links naar rechts: Farouk, Mariam, Hebtallah, Lamis, Huda, Hala, Afif en Ahmed. Ontbreken: Aahmoed en Amjad.